donderdag 7 november 2013

Het verdwenen bloendje

Het waren niet de spinnen of de pompoenen die me bijna een hartfalen bezorgden vorig weekend, ook niet die bandeloze jeugd die steeds aanbelde om om snoep te bedelen. Het was mijn dochter, of eerder haar afwezigheid.
Eerst was ze er wel, daar aan de kassa van de Hema in Oostende. Maar plots niet meer. Normaal staat ze dan een paar meter verder naar de nagellakjes te staren. Maar nu dus niet. Ze stond in feite nergens. Normaal weet mijn andere dochter dan wel waar ze uithangt, maar nu dus ook niet.
Bij gebrek aan een dochter in de Hema rende ik dus de Kapellestraat in. Eerst 50 meter naar links, dan 50 meter naar rechts. Maar daar was dus ook geen dochter. Dus ging het terug naar de Hema, en terug naar de Kapellestraat en terug naar de Hema tot mijn zenuwen het echt niet meer hielden en ik een Hema-madam vastpakte en hysterisch riep: 'Ik. Ben. Mijn. Kind. Kwijt.'
En toen vanachter de kassa: 'Ist è bloendje madam ?'.
En nog voor ik jaaaa kon roepen, verscheen mijn bloendje, die bij gebrek aan mama maar dekking had gezocht bij de kassierster.
En dat is dus de reden waarom ik het bij twee kinderen houd, één kind meer is 50% meer kans om er ooit één echt kwijt te geraken. En dat kan mijn gemoed niet aan.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen